20. De laatste jaren lijken de bevingen af te nemen, maar jullie zeggen dat de bevingen kunnen toenemen naarmate de druk verder daalt; hoe zit dat nou precies? Worden de bevingen nu wel of niet erger als we steeds minder gas produceren?

6 maart 2018

 

Wanneer we elk jaar minder aardgas uit het Groningenveld halen, dan verwacht je dat het aantal bevingen per jaar zal afnemen. De druk in het veld neemt minder snel af en ook de daling van de bodem verloopt minder snel. In de grafieken die het aantal bevingen per jaar weergeven zie je dat ook terug. Onderstaande grafiek komt  van de website van de NAM (nam.nl).Die laat zien dat gemiddeld het aantal bevingen per jaar aan het dalen is sinds de productie vanaf 2014 stapsgewijs is gedaald.

In deze grafiek staat het aantal bevingen en de grootte van de bevingen in Groningen tussen 1986 en 2018. NB: de bevingen kleiner dan 1.5 zijn weggelaten omdat die veel minder goed gemeten konden worden vóór 2014. Na de sterke beving van Huizinge van 16 augustus 2012 is het meetnet enorm uitgebreid en kunnen kleinere bevingen beter geregistreerd worden. De grafiek zou hierdoor een vertekend beeld geven voor de lichte bevingen (kleiner dan 1.5) na 2014.

SodM zegt dat het niet voldoende is om terug te gaan naar een winningsniveau van 12 bcm per jaar. De reden is dat het aantal bevingen per m3 geproduceerd gas groter wordt naarmate de drukken in het veld lager worden. Dat betekent dat als je bijvoorbeeld jaarlijks 12 bcm zou blijven produceren je dan elk jaar meer bevingen zal gaan krijgen. Ook neemt de kans op zwaardere bevingen toe.

 

Dit is heel makkelijk te checken door simpelweg het aantal aardbevingen in een jaar te delen door de aardgasproductie in datzelfde jaar. Dat hebben we gedaan voor alle bevingen groter dan 1.5 (blauwe lijn) en alle bevingen groter dan 2.0 (rode lijn), zie de figuur hieronder.

 

Omdat de jaarlijkse variatie best groot kan zijn, hebben we ook nog een tweede grafiek gemaakt.  Daarin kijken we steeds naar de laatste 3 jaar. Dus voor bijvoorbeeld het jaar 2015 nemen we dan het totaal aantal bevingen in de jaren 2013, 2014 en 2015. Vervolgens delen we dit getal door de totale hoeveelheid geproduceerd aardgas in 2013, 2014 en 2015. Op die manier berekend is het makkelijker om trends waar te nemen (want minder ruis).

De grafieken in onderstaand plaatje lopen van 2005 (=1) t/m 2017 (=13). De bevingen van 2018 zitten hier dus nog niet in.

In deze grafieken staat het aantal bevingen per miljard m3 aardgas zoals gewonnen in de periode 2005 (aangeduid met 1) tot en met 2017 (aangeduid met 13). De blauwe lijn geeft een beeld voor de bevingen groter dan 1.5, de rode lijn voor bevingen groter dan 2.0.

Wat je precies kunt concluderen uit deze grafieken is niet makkelijk te zeggen. Er zijn de laatste jaren meerdere ingrepen gepleegd die als doel hadden om de seismiciteit te verminderen. Naast de vermindering van de jaarlijkse productie is dat bijvoorbeeld ook het veel minder (en nu helemaal niet meer) produceren van gas uit de noordelijke clusters. Een ander voorbeeld is het ‘vlakker produceren’ (minder verschil tussen zomer- en wintermaanden). Of dit alles effect heeft gehad en hoe groot dit effect was, is moeilijk te zeggen want we weten niet hoe de grafieken eruit hadden gezien als deze maatregelen niet genomen waren. Maar… als je naar de blauwe lijn kijkt in de 2e grafiek (het 3-jaarlijks gemiddelde), dan lijkt het ons duidelijk dat, ondanks al deze maatregelen, de onderliggende trend is dat er meer bevingen komen per m3 geproduceerd gas.

 

Dit bevestigt wat de onderzoeken van NAM, TNO en SodM hebben geconcludeerd, namelijk dat het seismisch risico (de frequentie en de zwaarte van bevingen) toeneemt naarmate de druk in het veld verder afneemt (en hierdoor de compactie en bodemdaling toeneemt). Dit kun je gedeeltelijk compenseren door de productie te verminderen. Tenminste speel je dan ‘de film’ minder snel af. Dus de bevingen die je anders in 1 jaar zou krijgen worden verspreid over 2 jaar. En die zwaardere beving die bij hogere productie bijvoorbeeld volgend jaar zou komen komt bij lagere productie over bijvoorbeeld 2 of 3 jaar.

 

De enige manier om de bevingen op korte termijn significant te verminderen is door verdere drukdaling in het veld zo snel mogelijk te stoppen. Het zo spoedig mogelijk stoppen met verdere winning van aardgas is daarvoor niet voldoende want zelfs in optimistische scenario’s duurt dat toch nog minstens 10 jaar ongeveer. En ook daarna zal het nog even duren voordat de drukken in het hele veld gelijk geworden zijn en kunnen er nog meer bevingen optreden.

Het voorkomen van verdere drukdaling in het noordelijk deel van het veld (waar de risico’s van zwaardere bevingen nu het grootst zijn) kan alleen door in het noordelijk deel een gas te injecteren, bijvoorbeeld stikstof. Indien net zoveel stikstof wordt geïnjecteerd als dat er gas in het zuiden wordt geproduceerd, zullen na enkele jaren de drukdaling en de bijbehorende bevingen in het gehele veld zijn afgenomen.